Wandellust

05:15 uur. Zoals iedere doordeweekse dag vertelt Bixby mij wat ik kan verwachten zodra ik mijn dag start.

Ze belooft een frisse ochtend. Gewapend met een warme sjaal en een beker thee wandel ik over de dijk richting de polders. Aan het einde van de dijk krijg ik gezelschap van een uil.

Hij vliegt een aantal meter met me mee en houdt bij iedere boom even stil.

De uil lijkt mij nauwlettend in de gaten te houden. 

Ik ben een  tikkeltje geïntimideerd en durf niet al te lang terug te kijken.

Ik slaak een opgeluchtte zucht  als de uil besluit om verder te trekken.


Wat ik in Wandellust zo mooi vind is dat Twan laat zien hoe je door middel van een wandeling kunt verbinden. Lekker de natuur in en een stevige knuffel geven aan een boom of de alledaagse hectiek loslaten en met geliefden de bossen intrekken.

Luchtige gesprekken voeren met soms zware onderwerpen of juist even helemaal alleen zijn. 

Wat het ook mag zijn, tijdens een wandeling er is altijd ruimte voor verbinding. 

Wat in de gesprekken ook regelmatig naar voren komt is de menselijke invloed op de natuur.

Hoewel we massaal genieten van de natuur vormen we ook een bedreiging. 



“In Nederland holt de biodiversiteit achteruit. Vogels, zoogdieren, bijen en reptielen, ze hebben het allemaal moeilijk en veel soorten zijn al definitief verdwenen.[...] Planten en dieren trekken massaal naar de stad omdat daar meer groengebieden te vinden zijn in stadsparken en tuinen. Bovendien is de grond er minder verontreinigd met kunstmest en bestrijdingsmiddelen. Volgens de Amsterdamse stadsecoloog Remco Daalder zijn er in mijn eigen stad meer planten- en dierensoorten te vinden dan op het platteland”



Gelukkig dringt het besef dat er iets moet veranderen langzaam door en zijn er steeds meer mensen die opkomen voor een schoner en mooier nederland. 

Op die manier kunnen we nog lang  genieten van ons veelzijdige landschap. 

Ik hoop dat we nog vele inspirerende wandelingen mogen maken waarbij we de verbinding kunnen blijven opzoeken zoals Twan met zijn Wandellust heeft gedaan.

Wandelen is een vast onderdeel van mijn dagelijkse leven geworden.

Of het nu vroeg in de ochtend is, tijdens een werkoverleg of in de weekenden met de kinderen.

Er wordt altijd ruimte gemaakt om lekker de natuur in te trekken. 

Toen we afgelopen weekend uit de auto stapten voor een wandelroute van Staatsbosbeheer snoof mijn zoon van tien diep in en zei tegen mij :

“Overal waar wij naartoe gaan ruikt het altijd zo lekker naar de natuur”

Met die opmerking gaf mijn zoon antwoord op een vraag die door Twan huys in mijn hoofd was gepland.


In het boek Wandellust geeft Twan aan dat hij het wandelen van huis uit heeft meegekregen.

Dit zette mij aan het denken en ik vroeg aan mijn man :

“Wat geven wij eigenlijk mee aan de kinderen?”

Het antwoord is de natuur.

En net als bij Twan thuis is dat vaak in de vorm van een wandeling.

Blogtour

Van uitgeverij Prometheus mocht ik meedoen aan de blogtour van Wandellust.

Twan Huys beschrijft in dit boek de mooiste wandelgebieden van Nederland. In zeventien wandelroutes neemt hij je mee op pad. Tijdens zijn wandelingen worden mooie gesprekken gevoerd met bekende en minder bekende Nederlanders, boswachters en eilandbewoners.       

Ben je na een wandeling nieuwsgierig geworden naar de omgeving die is beschreven ? 

Dan kun je achter iedere wandeling  precies terugvinden waar je de route kunt doen met duidelijke aanknopingspunten. De routes zijn voorzien van startpunten en pleisterplaatsen.

Bij de meeste routes staat ook de afstand en duur vermeld.


Schrijfstijl

Twan Huys heeft een fijne en ontspannen schrijfstijl.

Door zijn beeldende manier van schrijven komen niet alleen de routes maar ook de verhalen tot leven. 

Het verhaal van Doris en Noudje heeft veel indruk op mij gemaakt. De manier waarop ze de helende kracht van de natuur met de zorg combineren vind ik erg ontroerend.

Doris en Noudje verzorgen dementerende ouderen in een zorgboerderij.

Rondom de boerderij gaan ze een groot wandelpark aanleggen voor de bewoners.

Ze willen de natuur terugbrengen in de vorm van een voedselbos waar mensen prettig kunnen wandelen. 

Dat vind ik hartverwarmend. 



“In niets doet dit denken aan de verpleeghuizen die ik eerder heb gezien.Overal lopen dieren, in een manege wordt getraind met paarden. Honden, kippen en een stokoude kalkoen lopen vrij rond […]

En zeker drie keer per dag wordt er gewandeld. Want dat is volgens Doris en Noudje het geheim”

©booksandblogs